Gent, speelveld van de beeldende kunst (1957-1987)
 
Lise Van Acker
Brief van
Paul Snoekaan
Paul De Ryck30.08.1955

“Denk a.u.b. niet dat ik alle dagen ga schrijven, want ik heb een hevige afkeer van wat men noemt: korresponderen.” De gejaagdheid waarmee Paul Snoek (°1933, Sint-Niklaas – †1981, Tielt) zijn brief aan Paul De Ryck (°1913, Erembodegem – †1956, Sint-Amandsberg) aanzet, bepaalt meteen haar algehele teneur. Als Snoek in de pen klimt in augustus ’55, studeert hij Rechten in Gent, en bereidt hij de tweede zittijd voor – dit in schril contrast met De Ryck, de dichter-essayist die lid is van de Vereniging van Oostvlaamse Letterkundigen (V.O.L.) en reeds tien jaar eerder promoveerde in de handelswetenschappen en augustus zodoende als vakantieganger doorbrengt. Snoek is echter niet alleen bezig met juridische studieboeken, hem moet ook iets van het hart omtrent een literaire kwestie. Als jong dichter, die net het manuscript van zijn tweede bundel Noodbrug heeft afgewerkt, wil hij zijn mening over enkele literaire tijdschriften in Vlaanderen kenbaar maken.

In de brief geeft Snoek toe dat hij gepubliceerd heeft in Het Antenneke nr. 5 (juli-september 1955). Dit deed hij naar eigen zeggen geheel tegen zijn zin en op expliciet aandringen van Jos Murez, die samen met Marcel de Rijcke het tijdschrift leven inblies. Het Antenneke (1954-1959) was een Gents tijdschrift dat zowel poëzie als kritische bijdragen (onder meer over beeldende kunst) opnam, en een breed publiek wilde aanspreken. In dezelfde adem vermeldt Snoek Cyanuur (1955-1956): het kleinschalige, wederom Gentse tijdschrift van hoofdredacteur Jo Verbrugghen en redactiesecretaris John Bultinck, dat ook aandacht besteedde aan literatuur en plastische kunst. Net zoals Het Antennekewilde ook Cyanuur het conventionele en het experimentele samenbrengen. Snoek verwijt de Gentse tijdschriften dat ze net als DWB (Dietsche Warande & Belfort, 1855-heden), en NVT(Nieuw Vlaams Tijdschrift, 1946-1983) ‘encyclopedisch’ zijn. Iets nieuws brengen Het Antenneke en Cyanuur evenmin als DWBen NVT.

Snoeks ongezouten mening over Het Antenneke en Cyanuur blijkt niet alleen uit de brief zelf. Hij sluit ook een folder bij van het Antwerpse tijdschrift Gard Sivik (1955-1964) waarvan hij samen met Tone Brulin, Gust Gils, Hugues C. Pernath en Simon Vanloo redacteur is. In het pamflet profileren Snoek en co Gard Sivik als de enige rechtmatige opvolger van het experimentele en vrijzinnige Tijd en Mens (1949-1955), en “als spreekbuis van de zg. tweede lichting van experimentele dichters”. Het vlugschrift waarin het tweede nummer van Gard Sivik wordt aangekondigd, omvat ook enkele passages waarin de makers van het tijdschrift zich afzetten tegen andere Vlaamse ‘jongerentijdschriften’, waarbij evenwel geen namen worden prijsgegeven. In de brief aan De Ryck noemt Snoek wel man en paard. Het Antenneke wrijft hij ‘opportunisme’ aan en Cyanuur ‘blazoenvergulding’ omdat het werk opneemt van ‘gekonsakreerden’. “Eenzijdigheid zal dus een van de deugden zijn van GARD-SIVIK,” is de polemische slotzin.

Hoewel Snoek zichzelf neerzet als compromisloze modernist, publiceert hij toch in Het Antenneke. Het is niet het enige teken van zijn wendbaarheid. Op het einde van de brief geeft hij ook aan dat hij zijn bundel Noodbrug inzond voor een prijsvraag: “ik werd door weet ik wie ook voorgesteld maar zond natuurlijk ook in om van die job van af te zijn”. Ook de vragen die De Ryck opwierp over Gard Sivik, worden in een bijgevoegd typoscript enigszins defensief beantwoord. Zo doet hij een beroep op de ‘geconsacreerde’ Jan Walravens, de trekker van Tijd en Mens, om zijn tijdschrift te legitimeren. Ongemeen kritisch en een tikkeltje opportunistisch, zo kan men Snoeks houding anno 1955 karakteriseren. Zelf houdt hij het bij een meer poëtische omschrijving: “Houdt van water, bloemen, salamanders en alles wat mooi is”.

Met dank aan
Godart Bakkers
Paul Schietekat
Yves T’Sjoen
Daniëlle Palmans (Letterenhuis)
Universiteitsbibliotheek Gent
Naninga Lens
Wouter De Vleeschouwer
Simon Delobel
Koen Brams

Brief van Paul Snoek aan Paul De Ryck (30 augustus 1955), Collectie Stad Antwerpen, Letterenhuis
Het Antenneke nr. 5 (juli-september 1955), Universiteitsbibliotheek Gent
Snoeks gedicht “Genesis” in Het Antenneke nr. 5 (juli-september 1955), Universiteitsbibliotheek Gent
Folder Gard Sivik (1955), Collectie Stad Antwerpen, Letterenhuis
Folder Gard Sivik (1955), Collectie Stad Antwerpen, Letterenhuis
Typoscript: antwoord op de vragen van Dr Paul De Rijck (1955), Collectie Stad Antwerpen, Letterenhuis
 
Brief van
Robrecht Vermeire aan
Staf Vermeire
26.01.1955
Brief van
Paul Snoekaan
Paul De Ryck
30.08.1955
Brief van
Werner Verstraetenaan
Paul Van Gysegem
01.09.1957
Brief van
Werner Verstraetenaan
Willem M. Roggeman
27.09.1957
Brief van
Albert Mariënaan
Peter Dietrich
12.01.1959
Brief van
Luc Peireaan
Georges Chabot
05.02.1960
Brief van
Paul De Vreeaan
Karel Geirlandt
20.06.1961
Brief van
Paul De Vreeaan
Karel Geirlandt
24.05.1962
Brief van
Karel Geirlandtaan
Paul De Vree en Jack Schelfhout
28.03.1963
Brief van
Marcel Duchampaan
Paul Eeckhout
22.03.1964
Brief van
René Magritteaan
de organisatoren van het 51ste Salon voor Schone Kunsten (Gent)
14.09.1965
Brief van
Mark Verstocktaan
Yves De Smet
22.12.1965
Brief van
Jenny Van Driesscheaan
Jan Van Den Abbeel
01.02.1966
Brief van
Fernand Auweraaan
Jan Emiel Daele
15.10.1967
Brief van
Edy de Wildeaan
Nieuwe Rococo
22.11.1967
Brief van
Yves De Smetaan
Amédée Cortier
03.06.1969
Letter experiment Philippe Van Snick 11.1969
Brief van
Kristien De Witteaan
Suzanne Caura en Joseph Willaert
27.05.1970
Postkaart
van Johan Van Geluweaan
Robert Clicque
11.1971
Brief van
Joseph Willaertaan
René Heyvaert
22.12.1971
Brief van
Claude Vanderschuerenaan
de leden van Studio E
25.04.1973
Brief van
Jan Vercruysseaan
Pjeroo Roobjee
19.06.1973
Brief van
Stanislas Van der Bremptaan
Max Selen
19.10.1973
Brief van
Jan Hoetaan
Karel Dierickx
24.12.1974
Brief van
René Heyvaertaan
Anne-Marie Jacobs
16.02.1975
Brief van
Bryan Greenaan
Robert Clicque
05.1967
Overlijdensbericht van Jean-F. Warie-SCHWIND 28.05.1976
Brief van
de redactie van de Haagse Postaan
Candid
05.09.1977
Brief van
Jan Hoetaan
Robert Vandewege
25.04.1978
Brief van
Wim Van Muldersaan
Danny Devos
08.02.1979
Brief van
N.N.aan
IPEM
s.d. (c. 1980)
Brief van
James Lee Byarsaan
Jan Hoet
17.05.1980
Brief van
Ann Decaesteckeraan
Cultureel Comité Sint-Amandsberg & Stichting Mevr. J. Dhondt-Dhaenens
18.01.1982
Brief van
Raoul De Keyseraan
Jan Hoet
12.05.1982
Postkaart
van René Heyvaertaan
Sigefride Hautman en Narcisse Tordoir
20.10.1983
Brief van
Jan Vercruysseaan
Jo Coucke
13.06.1985
Brief van
Koen Vosaan
de pers
30.09.1985
Brief van
Yves De Smetaan
Jo Coucke
18.07.1985
Brief van
Patrick Van Caeckenberghaan
Marc Goethals
12.02.1986
Brief van
Dan Van Severenaan
de Culturele dienst van de A.S.L.K.
02.03.1986
Brief van
Kasper Königaan
Bart Cassiman
03.03.1986
Brief van
Herman Van Hoveaan
Dan Van Severen
17.03.1986
Brief van
Trudo Engelsaan
Claude Yande
s.d. (zomer 1986)
Brief van
Kasper Königaan
Bart Cassiman
23.01.1987
Brief van
Philippe Vandenbergaan
Franklin Engeln
16.02.1987
Brief van
Franklin Engelnaan
Philippe Vandenberg
09.05.1987
Brief van
Jan Vercruysseaan
Joost Declercq
10.1986
Mail art project van Danny Devos 08.1981
Postkaart
van Marcel Broodthaersaan
Karel Geirlandt
01.03.1974
Brief van
William Graatsmaaan
Amédée Cortier
31.01.1971